Herdenken en hernieuwen – RZVG in oorlog en bevrijding (1942–1946)

Wanneer wij op 4 mei herdenken en op 5 mei onze vrijheid vieren, kijken wij niet alleen naar de grote lijnen van de geschiedenis, maar juist ook naar wat die geschiedenis betekende voor mensen en gemeenschappen dichtbij. De jaren 1942 tot en met 1946 laten zien hoe diep de oorlog ingreep in het leven van de Roei- en Zeilvereeniging Gouda – en hoe veerkracht, verbondenheid en uiteindelijk hernieuwde vrijheid vorm kregen.

Oorlogsjaren: verlies en houvast (1942–1943)

In 1942 werd de oorlog pijnlijk voelbaar binnen de vereniging. Bestuursleden werden weggevoerd; zo werd penningmeester mr. C. Jonker als gijzelaar afgevoerd. Onzekerheid en dreiging hoorden bij het dagelijks leven. Toch bleef de vereniging bestaan als een plek waar mensen elkaar konden ontmoeten. Tochten werden georganiseerd, en ondanks schaarste, groeide het ledental aanzienlijk.

In 1943 bleef die spanning aanwezig, maar er klonk ook voorzichtig hoop. Gijzelaars keerden terug en activiteiten zoals de Goudse Zeilweek gingen door. Materiaal werd schaars, reparaties werden moeilijk, maar de vereniging hield stand. Juist in een ontwrichte samenleving bood zij structuur en continuïteit.

Donkere diepte en onverwachte verbondenheid (1944)

Het jaar 1944 vormde een keerpunt. De oorlog drukte zwaar op het verenigingsleven: leden moesten onderduiken, konden zich niet meer vrij bewegen en zelfs boten werden verborgen om aan vordering te ontkomen. De voorzitter werd weggevoerd naar een concentratiekamp. Binnen de vereniging ontstonden spanningen, maar juist in die moeilijke omstandigheden groeide iets bijzonders. Mensen vonden elkaar opnieuw. In een stad die stil en leeg was geworden, bood de vereniging een toevluchtsoord: een plek waar men door roeien, zeilen of samenzijn even kon ontsnappen aan de werkelijkheid.

Het ledental groeide zelfs tot boven de 500, en onderduikers bleven lid zonder contributie te betalen – een krachtig teken van onderlinge solidariteit. Wat dreigde uiteen te vallen, werd door openheid en betrokkenheid weer samengebracht. De club werd opnieuw een gemeenschap.

Bevrijding en overgang (1945)

Na de bevrijding veranderde de sfeer ingrijpend. Waar de vereniging in de oorlogsjaren een toevluchtsoord was geweest, leek zij in 1945 tijdelijk leeg en stil. Dat was geen verval, maar een begrijpelijke reactie: mensen keerden terug naar een vrij leven en zochten nieuwe wegen. Toch werd de bevrijding ook binnen de vereniging gevierd. De RZVG leverde een zichtbaar aandeel in de festiviteiten, onder meer met een geslaagde gondelvaart door de singels. Roeitochten, wedstrijden en feestelijke bijeenkomsten markeerden de herwonnen vrijheid. Tegelijkertijd kwamen moeilijke vragen naar boven. Sommige leden werden tijdelijk uitgesloten vanwege hun houding tijdens de bezetting. Vrijheid bracht niet alleen vreugde, maar ook de noodzaak tot reflectie en rechtvaardigheid.

De vereniging stond aan het begin van herstel: gebouwen en materiaal waren verwaarloosd, en er moest opnieuw worden opgebouwd.

Naoorlogse realiteit: verlies van samenhang (1946)

In 1946 werd duidelijk dat vrijheid ook nieuwe uitdagingen bracht. Het ledental daalde sterk; veel leden verlieten de vereniging of zelfs het land. De financiële situatie verslechterde en – misschien nog ingrijpender – het gevoel van verbondenheid nam af. Waar men in oorlogstijd vanzelf naar elkaar toe trok, moest saamhorigheid nu opnieuw worden opgebouwd. Het bestuur sprak zijn zorgen uit over gebrek aan enthousiasme en clubgeest.

En toch bleef er hoop. Activiteiten gingen door, wedstrijden werden gevaren, tochten georganiseerd. Nieuwe initiatieven, zoals de herstart van het clubblad Het Roer, gaven de vereniging weer een stem en een verbindende kracht.

Betekenis voor vandaag

Deze vijf jaren vertellen een indringend verhaal. Zij laten zien dat vrijheid niet vanzelfsprekend is – en dat gemeenschapsgevoel juist in moeilijke tijden ontstaat.

Op 4 mei herdenken wij hen die werden weggenomen: leden die niet terugkeerden, mensen die hun vrijheid verloren of hun leven gaven. Hun afwezigheid klinkt door in deze verslagen.

Op 5 mei vieren wij de vrijheid die daarna kwam. Maar deze geschiedenis laat ook zien dat vrijheid meer is dan bevrijding alleen. Het vraagt om inzet, om verbondenheid, om het blijven bouwen aan een gemeenschap.

De RZVG vond in de donkerste jaren haar kracht in saamhorigheid. De uitdaging na de bevrijding was om die geest vast te houden.

Dat is misschien wel de belangrijkste les voor ons vandaag.

 

(3 mei 2026 – Ineke Verkaaik-Hogervorst, voorzitter RZVG)

Fotocollectie Streekarchief Midden-Nederland

Comments are closed.