Bootbehandeling en gedrag

Bootbehandeling en gedrag op en rond het water

• Afschrijven en in- en uitbrengen
• Bootbehandeling
• Gedrag op de steiger (plaszijde)
• Gedrag op de plas
• Gedrag op het vlot (Breevaartzijde)
• Gedrag op de Breevaart

Afschrijven en in- en uitbrengen.
Wanneer het verkeerslicht (op de website en naast de trap naar de sociëteit) op groen staat kan er geroeid worden, op rood mag er nergens geroeid worden. Indien het verkeerslicht op rood én groen staat mag alleen op de Breevaart worden geroeid.
Voordat je een boot pakt moet deze worden afgeschreven. Per persoon mag er 1 boot tegelijk worden afgeschreven. Je mag geen boot afschrijven waar je zelf niet in gaat roeien.
Wanneer je een boot afschrijft mag dat maximaal 15 minuten vóór je vertrekt en breng hem pas uit wanneer je ploeg compleet is.
Bij drukte op de steiger hebben inkomende boten voorrang op uitgaande boten.

Bootbehandeling
Glad materiaal
Belangrijk bij glad materiaal is dat er 1 persoon duidelijk de leiding heeft bij alle til acties en dat minimaal 1 persoon de vrije ruimte van boeg en steven in de gaten houdt bij het verplaatsen van de boot.
Glad materiaal wordt altijd schoongemaakt op steunen. Gebruik altijd 2 steunen (ook voor skiffs). Een uitzondering is bij harde wind, dan mag een skiff ook op één bokje met de neus (boeg) op de boegbal op de grond.
Er blijft altijd iemand in de nabijheid van de boot. Voor een skiff is dit niet altijd mogelijk als je alleen bent, maar wees alert op de balans als je iets moet pakken.
Glad materiaal (ook skiffs) worden altijd zowel aan de binnen- als aan de buitenzijde schoon en droog gemaakt.
Altijd slidings schoonmaken met papier (hangt boven afschrijfboek). Het is handig als je, voordat je aanlegt, wat water in de slidings sprenkelt, zodat het mogelijke vuil kan losweken.

C,D en E materiaal.
Ook bij het verplaatsen van dit materiaal is het belangrijk dat 1 persoon de leiding neemt.
Het C materiaal ligt vrijwel allemaal op de kielbalk. In de giekenloods (de grote loods) liggen alle boten op een kar, in de wherryloods (onder de sociëteit) op karretjes en sommige op steunen. Alleen de ‘twee-drie’ ligt op zijn kop, als zekerheid dat er in deze boot geen water blijft staan.
De kielbalk is een sterk onderdeel van de boot en onder andere bedoeld om de boot op te leggen en te schuiven wanneer deze in of uit het water wordt gehaald. Zorg er bij in- en uithalen van de boot voor dat hij over de kielbalk schuift en dat niet de romp in contact komt met de steiger.
Let zowel bij de wherry- als giekenloods er goed op dat je midden door de deuropening gaat; de riggers steken ver uit de boot! Bij C,D en E materiaal doen we geen ballen op de riggers.

Giekenloods
Een boot wordt achteruit het water in gebracht. Stel de kar zo op dat de wielen aan de waterzijde ongeveer op de lijn op de steiger staan en de kar haaks staat op de richting van de kade. Bij het uit het water halen moet de boot dus eerst haaks op de wal worden gelegd. Hiervoor hangt een stok aan de gevel van de giekenloods. De stok zet je met de vork zijde tegen de onderzijde van een dol.

Wherryloods
Trek de karretjes naar het midden. Duw of trek de boot haaks in of uit het water. Voor de boten die niet op karretjes staan zijn er speciale steuntjes om de boot recht te houden wanneer je hem schoonmaakt, zodat hij op de kielbalk en niet op de huid ligt. Verplaats de boot een stukje de wherryloods in als je hem gaat schoonmaken.
Leg de riemen met de bolle kant naar beneden op het hout van de steiger, zodanig dat ze niet in de weg liggen. De banken houden we vrij om op te zitten.
Duw de boot aan de punt (niet aan de bal) van de kar af of trek hem aan de punt de kar op. Doe dit met minimaal 3 personen. Een aan de punt en aan elke zijde een persoon die hem recht houdt. Dit gaat het gemakkelijkst aan de rigger, als je maar geen kracht zet om hem aan de rigger uit het water te trekken of erin te duwen.
Bij vertrek direct wegvaren en voetborden stellen op het water. Bij aankomst als eerste de boot wegtrekken zodat deze niet meer over de kade hangt en andere boten kunnen aanleggen. Zoek een plaats waar je, zonder dat je anderen in de weg staat, de boot kunt schoonmaken.

Boot schoonmaken.
Je maakt een boot na gebruik altijd schoon en droog met een doek. Spoel na gebruik de doek uit, haal hem door de wringer en hang hem weer netjes op aan een van de rekken. Afnemen aan de binnen- en buitenzijde met een doek en de slidings met papier (hangt boven het afschrijfboek). Het is handig als je, voordat je aanlegt, wat water in de slidings sprenkelt, zodat het mogelijke vuil kan losweken. Na het schoonmaken de evt. aanwezige luchtkasten openen. Wanneer je schade constateert, dit altijd melden met een schadebriefje.

Gedrag op de steiger
Het is soms druk op het steiger. Houd rekening met elkaar, ook als je even moet wachten. Communiceer op een normale manier wanneer je iets wilt van een andere ploeg. Wees behulpzaam, dat bevordert de doorstroming.

Gedrag op de plas
Op de plas is het Binnenvaartpolitiereglement (BPR) van kracht. En houd je verder aan onderstaande adviezen.

Vermijd een aanvaring, ook als je voorrang hebt.

Zeil gaat vóór spier en spier gaat vóór motor.

Een boot die een rechte koers in een vaargeul of aan stuurboordwal vaart heeft voorrang op andere vaartuigen.

Zorg dat je bij een brug ruim op tijd zicht dóór de brug hebt, zodat je zelf goed kan zien of er tegenliggers zijn, maar ook zichtbaar bent voor tegenliggers. Zorg bij bruggen waar hiervoor ruimte is, dat je minimaal 5 bootlengtes voor de brug in een rechte lijn naar de brug vaart met een zichtlijn door de brug.

Zorg bij bochten en bruggen waar geen ruimte is voor een tijdige vrije zichtlijn, dat je goed stuurboordwal houdt en tijdig kunt stoppen, mocht er in de bocht je een tegenligger tegemoet komen.

Gedrag op het vlot (Breevaartzijde)
Het is soms druk op het vlot. Geef elkaar de ruimte. Soms zal je even moeten wachten voordat je verder kunt. Wanneer je iets wilt van een andere ploeg, vraag dat dan altijd op een normale manier: bijvoorbeeld ‘zou je iets kunnen opschuiven a.j.b.?’ en niet ‘ga opzij!’. Kijk of je iemand kan helpen zodat de doorstroming sneller gaat. Vraag dat vriendelijk en stel je erop in dat niet iedere ploeg dat toelaat.
Leg losse onderdelen zoals riemen (altijd op de bolle kant van het blad natuurlijk), roertjes en kleding zo neer dat ze niet in de weg liggen. Ook niet op banken, die zijn om op te zitten.
Let op de lestijden van de volwassen skiff en jeugd. Het is aan het begin en einde van de les erg druk op het vlot.

Gedrag op de Breevaart
Houd stuurboordwal.
Hou voldoende afstand ten opzichte van andere boten.
Op de Breevaart wordt vooral in de buurt van het vlot vaak lesgegeven. Zorg bij drukte dat je dat gebied mijdt en heb begrip voor beginnende roeiers; die kunnen niet altijd stuurboordwal houden.
Wanneer je een andere boot wilt passeren, doe dat dan wanneer hier ruimte voor is. Maak op een normale manier contact met de te passeren boot: niet ‘Hé joh opzij en snel een beetje!’