Ontstaan van de Reeuwijkse en Sluipwijkse Plassen

Grootschalige, commerciële turfwinning heeft de Reeuwijkse en Sluipwijkse Plassen doen ontstaan. Turf is ‘brandstof uit veen’ en is eeuwenlang de belangrijkste energiebron in Nederland geweest.  Er wordt wel gezegd dat de welvaart van de Republiek der Zeven Provinciën tijdens de Gouden Eeuw grotendeels bepaald is door de aanwezigheid van grote veenvoorraden. Hierdoor kon het land in zijn eigen energiebehoefte voorzien.

Aanvankelijk bleef de veenwinning beperkt tot ‘droge’ vervening: alleen het veen boven de grondwaterspiegel kon worden gewonnen. Dat veranderde toen omstreeks 1530 de baggerbeugel zijn intrede deed en ook het veen onder de waterspiegel gewonnen kon worden. Steeds weer nieuwe landen werden ingestoken en veranderd in een landschap met petgaten, legakkers en veenplassen. Dit is het begin van het ontstaan van de Reeuwijkse plassen.

Door de nieuwe wijze van vervening, het slagturven, kregen de veenplassen een gevaarlijke omvang en diepte. Door oeverafslag en het afkalven van de legakkers vormden de diep uitgebaggerde veenplassen in toenemende mate een bedreiging voor de omliggende landen, dijken, wegen en dorpen. Er werden wel maatregelen genomen om het slagturven tegen te gaan en de landvernieling tot staan te brengen of in te perken, maar deze hadden geen effect.

Door zandwinning is een deel van de plassen vervolgens belangrijk verdiept. De grote openheid van de plassen contrasteert sterk met de nieuwbouwwijken van Reeuwijk-Brug en Gouda. In Sluipwijk en op andere plaatsen langs de plassen heeft een sterke recreatieve ontwikkeling plaatsgehad. Toch is de historisch gegroeide structuur van het gebied duidelijk herkenbaar. In Sluipwijk zijn nog enkele voormalige veenarbeiderswoningen te zien.

(9 augustus 2021, Lustrum Cie. ‘Oud Goud’)

 

 

Reeuwijk en Sluipwijk vóór de verveningen. Detail van de “atlas van het Hoogheemraadschap van Rijnland” door Floris Balthasar, 1610-1615. Bron: Hoogheemraadschap Rijnland, document A-4067

No comments yet.

Geef een antwoord